Samen uit, samen thuis

We vertrekken samen en komen samen aan. Bij pech, een lekke band of vermoeidheid wachten we op elkaar. Niemand wordt achtergelaten.

Verkeersregels zijn leidend

We houden ons altijd aan de verkeersregels. Met duidelijke signalen waarschuwen we elkaar voor obstakels, gaten in de weg en tegenliggers.

Acht toerleden met helm staan naast elkaar met hun racefietsen voor Paleis Soestdijk

Toerfietsers

  • Maximaal 11 per groep. Zijn er 12 of meer rijders, dan splitsen we in twee groepen. Kleine groepen zijn veiliger voor jezelf en voor ander verkeer.
  • Elke groep een toerleider. De toerleider (wegkapitein) bepaalt de route en het tempo en let op de veiligheid.
  • Helm verplicht. Zonder goedgekeurde fietshelm stap je niet op.

Recreanten

  • Elke groep een voorfietser. De voorfietser bepaalt de route en let op de veiligheid.
  • Groepjes van ongeveer tien. Is de groep groot, dan splitst de voorfietser hem op, zodat auto’s kunnen invoegen.
  • Achter elkaar. We fietsen niet naast elkaar, behalve de voorfietsers.
  • Helm dringend aanbevolen.

Verzekerd onderweg

Aan het NTFU-lidmaatschap zijn verzekeringen verbonden. Voorwaarden en uitsluitingen bepalen welke dekking geldt. Meld je je aan als nieuw lid, dan registreert de club je bij de NTFU; je bent verzekerd vanaf de startdatum in je bevestigingsmail. Lees de uitleg over aanmelden en verzekering.

Tekens in de groep

In een groep zie je de weg voor je minder goed. Daarom waarschuwen we elkaar bij de toerritten met vaste tekens. Bijna altijd is dat een roep: de voorste rijder roept en iedereen geeft het door naar achteren. Alleen “achter” gaat de andere kant op, van achteren naar voren. De toerleider legt de tekens uit tijdens je eerste rit.

Stop
Stoppen. De voorste rijder steekt de linkerarm omhoog.
Vrij
De weg is vrij. De voorste rijder steekt de linkerarm omhoog en wuift naar voren.
Rechtdoor
We gaan rechtdoor.
Links of rechts
We slaan af. De voorste rijder steekt de arm uit naar die kant. De achterste rijder steekt ook de arm uit.
Voor
Obstakel rechts, of we gaan inhalen.
Tegen
Obstakel links, of een tegenligger.
Gat
Obstakel in of op het wegdek. De voorste rijder roept wat het is, zoals gat, glas of tak, en wijst ernaar.
Ritsen
Achter elkaar rijden. De voorste of achterste rijder roept het. Geef elkaar de ruimte om in te voegen.
Achter
We worden ingehaald. De achterste rijder roept het, en we geven het door naar voren.
Lek
Pech of een ander probleem. Wie het heeft, roept het.

Samen uit, samen thuis

Twijfel je nog?

De eerste vier weken fiets je vrijblijvend mee. Bevalt het niet, dan meld je je in die tijd gewoon af.

Meld je aan